Doel van het onderzoek

De Rijksuniversiteit Groningen voert een driejarig onderzoek uit naar de emotionele gevolgen van vermissing van een dierbare. Het onderzoek bestaat uit twee delen. Deel 1 heeft als doel het in kaart brengen van de emotionele gevolgen waarmee achterblijvers van vermisten te kampen hebben. Wereldwijd is hier beperkt onderzoek naar gedaan. Het is van belang om inzichten te verwerven, zodat o.a. specialistische hulp hierop afgestemd kan worden. Eenieder waarvan een dierbare drie maanden of langer is vermist, kon deelnemen aan dit onderzoek. Achterblijvers van wie de dierbare geruime tijd vermist is of achterblijvers die een afname van klachten ervaren werden ook uitgenodigd om deel te nemen aan dit onderzoek, zodat er een compleet beeld geschetst kan worden van de verscheidenheid aan emotionele gevolgen van het vermissen van een dierbare. Deelname bestaat uit het invullen van een vragenlijst.

Deelnemers die op basis van deel 1 van het onderzoek in aanmerking kwamen voor een behandeling, konden geheel vrijwillig deelnemen aan deel 2 van het onderzoek. Deel 2 van het onderzoek bestaat uit het evalueren van de effectiviteit van een behandeling voor dierbaren van vermisten. Een netwerk van psychologen is opgezet die getraind zijn in het behandelen van achterblijvers. Het netwerk bestaat uit ervaren psychologen, verspreid door Nederland. Het effect van de behandeling wordt wetenschappelijk geëvalueerd. Er wordt onderzocht of deelname aan de behandeling leidt tot afname van klachten en toename van welbevinden. Aan de hand van antwoorden op vragenlijsten wordt het verloop van klachten en het effect van de behandeling vastgesteld.

Het onderzoek maakt deel uit van een promotietraject en resulteert in een proefschrift.

Op dit moment is de werving van deelnemers voor beide delen van het onderzoek beëindigd.